NATUURRESERVATEN IN ALBANIË

De lagunes van Patok en Ishull Lezha 

Albanie heeft 14 officiële Nationale Parken en vele kleinere natuurparken en natuurreservaten. Buitenlandse bezoekers komen daar tijdens hun vakantie niet aan toe, ze kiezen meestal voor steden: Tirana, Shkodra, Gjirokastra, Berat en in de zomer gaan ze zonnen aan de stranden van het Zuiden. Ik kom al lang in Albanië en heb in al die jaren wel een aantal Nationale Parken bezocht (Theth in de Noordelijke Alpen, Dajti bij Tirana, de Prespa Meren) maar zeker niet allemaal en helemaal geen natuurreservaten.

In 2018 schreef ik een reisgids over Noord-Albanie en moest ik natuurlijk naar al die Nationale Parken en reservaten toe om ze zelf  te zien en te beschrijven. Geen vervelende klus, integendeel, wel tijdrovend. Ik begon tamelijk dichtbij, ten noorden van Tirana, met twee mooie natuurparken die aan zee liggen: Patok-Fushë Kuqë (beter bekend als de lagune van Patok) en natuurpark Kune Vain Tale, (ook wel de lagune van Ishull Lezha genoemd).

 

KUNE VAIN TALE lagune

 

Ik was heel enthousiast en begreep niet waarom ik deze pareltjes nu pas ontdekte. Ik kwam alleen Albanezen tegen en geen buitenlandse toeristen. Terwijl deze lagunes en moerassen heel gemakkelijk met de auto te bereiken zijn: via een afslag van de snelweg van Tirana naar Lezha. Die onbekendheid heeft met het verleden te maken. In de communistische tijd kon hier niemand zomaar komen. Het was een afgesloten grensgebied en militair terrein, vol gebouwd met bunkers. Alleen militairen en ondersteunend personeel met een speciale permit woonde en werkte er. 

 

Patok bunkers

 

Maar na 1991 werden de lagunes, moerassen en kwelders met hun zeldzame want ongerepte flora en fauna weer toegankelijk. Dat had ook nadelen zoals de komst van illegale stropers en Italiaanse jachtliefhebbers die in de chaotische post-communistische periode hun gang konden gaan en veel schade aan de natuur hebben aangericht. De regering heeft met behulp van internationale natuurbeheer-richtlijnen nu beschermde parken en reservaten gesticht en beperkende regels opgesteld, waar de bezoekers zich aan moeten houden.

De lagunes, die zich uittrekken aan de Albanese kust tussen de stad Lezha en het zuidelijker gelegen Cape Rodoni,  zijn nu een paradijs voor die-hard natuurliefhebbers. Nederlandse reisbureaus organiseren zelfs speciale vogelreizen naar het Kune Vain Tale reservaat. Patok en Ishull Lezha zijn heel geschikt voor dagtochten, je kunt er goed wandelen. Een aantrekkelijk pluspunt is dat er in beide reservaten geweldige restaurants liggen, midden in de natuur, aan het water van de lagunes, zodat de combinatie van een lekker lange wandeling en een uitstekende maaltijd na afloop goed mogelijk is.

 

Patok lagunę.

 

De lagune van Patok

Ik ben dit najaar voor de derde keer in Patok geweest om vis te eten. Je komt bij deze lagune door bij het dorp Laç langs de snelweg de afslag naar Patok te nemen. Na een kwartiertje door weilanden en bossen rijden kom je bij een lange smalle kunstmatige dam, een soort afsluitdijk. De lagune van Patok ligt tussen twee rivieren: in het noorden de Mat en in het zuiden de Ishëm, heeft de vorm van een grote ovaal en wordt in tweeën gesneden door die dam.

Je hebt aan de ene kant uitzicht op zee en aan de andere kant op een spannend moerasgebied. Langs die dam zijn de laatste jaren visrestaurants en hotelletjes gebouwd (vaak illegaal, zonder vergunning) die met hun houten cabines op palen een heel speciale charme hebben. Rijdend op de pier zie je bleekblauw glinsterend water, felgroene moerassen, hoge bamboe staken in het water waar visnetten aan hangen. Met deze netten op palen vist men (net als in Montenegro). 

 

Patok moeras

 

Patok houten huisjes

 

De lagune van Patok is weinig ontwikkeld en verdient echt meer bezoek. Het verschil met de gelikte stranden van Shengjin en Durrës is groot, je kunt hier moeiteloos uren doorbrengen aan een terras langs het water en een bootje huren. De combinatie van houten huisjes en cabines, palmbomen met op de achtergrond een fantastisch ongerept natuurgebied met slikken en schorren en riet en traditionele visnetten is uniek.

Vanuit het terras van de uitstekende visrestaurants met namen als Paradiso, Perla e Patokut en Fishhouse kijkt je uit op series kleine betonnen bunkertjes, die vroeger de boze buitenlandse invallers vanuit zee moesten tegenhouden. 

Wij arriveren op een zondagavond vanuit de Mirdita komend in Patok en rijden meteen naar restaurant Paradiso. De zon gaat onder en het wordt snel donker. Er is god zij dank geen muziek, alleen de stilte van de lagune en het geluid van vogels. We bestellen een fles witte wijn en schalen gegrilde garnalen. Het is een van de mooiste zonsondergangen die ik ooit heb meegemaakt.

 

Diner bij zonsondergang in Patok

 

Visfuiken bij zondsondergang

 

De lagune van Ishull Lezha

De lagune van Ishull Lezha ligt enkele kilometers noordelijker dan die van Patok. Vanaf de stad Lezha neem je de snelweg naar Tirana en dan meteen de afslag naar Ishull Lezha. Er staan in dit gebied enkele goede maar nogal afgelegen hotels waar je alleen per auto kunt komen.

Twee nieuwbouw hotels zijn Complex Sebastiano (vier villa’s met samen 20 kamers, een hoofdgebouw, groot zwembad, veel bomen, een tuin met terrassen) en het luxe Hotel Rambuje (ook met zwembad en terrassen) langs de Drin rivier gelegen op 5 km afstand van het strand. Hier kun je ook roeiboten huren.

 

Hotel Rambuje bij Ishull Lezha

 

Je kunt vanuit Lezha of vanuit een van deze hotels een heerlijke dagtrip maken in het natuurreservaat Kune Vain Tale. Het reservaat van 45 km2 is in 2010 opgericht en omvat het Kunë-eiland, de Kunë-Vain-lagune, bossen en de diverse ecosystemen. In het gebied komen bijna 200 soorten vogels voor (met steenarenden en slechtvalken). Het gebied ligt in een typisch mediterraan bos, heeft een verscheidenheid aan soorten leefgebieden en is heel belangrijk voor trekvogels. Het bos ligt tegen een lagune en omliggende wetlands aan. Het gebied is waterrijk (zout en zoet) en heeft veel rietbedden en waterniveaus en is daarom zeer geschikt voor watervogels. De Drin Rivieren Delta is ook van bijzonder belang voor trekkende vis en er komen veel soorten reptielen voor. 

 

Kaart van Ishull Lezha

Je ziet bij de hoofdingang een rustig spiegelglad meertje, een uitkijktoren, een steiger met een houten huisje, een info-gebouwtje met een goede plattegrond. De wandelroute van de ingang van park Kune Vain Tale leidt via een onverharde weg door de lagune heen naar het strand, vandaar kun je over de weg weer terug; de rondwandeling bedraagt ongeveer 15 km.

Het strand stelt niet veel voor, rijen stoelen en ligbedden met parasols, een strandtent die koffie en drankjes verkoopt, that’s all. Schattig: de strandtent-eigenaar doet alle moeite om in het rulle zand bloemen en struiken te laten groeien: bougainville en rododendrons. Ik loop door het mulle zand langs de kustlijn, er is geen wandelpad op het strand, en zoek het pad naar het natuurreservaat. Dat is slecht aangegeven, je moet het weten (gebruik maps.me).

 

Strand bij Ishull Lezhe

Op het strand staat een merkwaardig hippie-achtig bouwsel, een soort houten huis met dak waar enkele fietsers met mountainbikes uitkomen die naar het zuiden rijden. Vandaar kun je naar het mythische restaurant Blu Lagoon, al staat ook dat niet op plattegronden en kaarten. 

Ik neem vanaf het strand een pad en begin aan de wandeling door het reservaat. Het is een prachtige tocht, eerst eng en stil, een smal bospad tussen struiken en riet, nog geen water te zien. Pas na een half uur kom ik bij de lagune. Weer een eindeloos pad tussen bomen en struiken. Pas na een uur lopen kom ik op een schitterende weg met links en rechts de lagune, glinsterende moerassen en paarse en roze bloemen. 

Ishull Lezha, pad door de reservaat.

 

Uitzicht tijdens de wandeling, met hotel Rambuje in de verte.

 

Ik fotografeer en film me suf, het lagune landschap is zo adembenemend, zeker door de stilte en de bergen op de achtergrond. Ik zie hotel Rambuje – waar ik heb geluncht – in de verte liggen, zo ziet het er fantastisch uit. Af en toe komen er auto’s en brommers met hele families langs, eentje stopt om me een lift aan te bieden maar ik weiger die: deze weg is veel te mooi om in een auto te zitten, die moet je aflopen. 

Het is een lange wandeling die weer eindigt bij de ingang van het park met de uitkijktoren, de lange steiger met aan het eind een klein houten huisje op het water en picknicktafels. Er is niemand.

 

Restaurants in beide lagunes

Hoteli i Gjuetisë

Hoteli i Gjuetisë is een oud jachthotel, in 1939 na de bezetting van Albanie door Italie gebouwd door de schoonzoon van Mussolini, Conti Ciano. Het is in 1991 en 1997 geplunderd maar nu weer helemaal gerenoveerd tot restaurant, hotel en zalencomplex. Ga lunchen in de originele eetzaal van dit beroemde en beruchte gebouw, tussen de Albanese families. 

De eetzaal is van grote allure, mooi hersteld, erg goed dat dit complex weer gaat functioneren. Aan de muur hangen oude zwart-wit foto’s zoals beelden van na de jacht in 1942 en conti Ciano op een roeibootje. Op de menukaart staat de geschiedenis van het hotel met alle verhalen over de geschiedenis en dezelfde foto’s uit 1942 die aan de muur hangen (fotografie van het Italiaanse Fotoarchief Luce): Conti Ciano na de jacht. Er is een prachtige foto bij waar de jagers hun buit aan patrijzen hebben neergelegd op de rand van een van de patio’s. Ik vind die plek later exact hetzelfde  terug. Er is niets veranderd, alleen staan er meer struiken en zijn de bomen hoger, logisch natuurlijk. De stenen muur waar toen de patrijzen van Conti Ciano overheen hingen staat er nog net zo bij!

 

Conti Ciano bij Hoteli i Gjuetise in 1942; fotografie van het Italiaanse Fotoarchief Luce.

 

Hotel i Gjuetise, zelfde plek als op de foto uit 1942

 

De wijnkaart is meer dan voortreffelijk, alle bekende Albanese wijnen zijn aanwezig (ook Italiaanse). Ik bestel een karafje witte wijn (Kallmet, prima, open wijn hoeft helemaal niet slecht te zijn), vissoep en risotto met garnalen.

 

Een van de eetzalen bij Hoteli i gjuetise

 

Vissoep en wijn bij Hoteli i Gjuetise

 

De architectuur van het jachtcomplex is nogal verwarrend en ik kom er niet achter wat nog origineel is en wat gerestaureerd en bijgebouwd. Sommige gastenkamers moeten nog gerestaureerd worden. De projectontwikkelaar en de nieuwe eigenaar vertellen dat ze in dit complex met een hotel- en spafunctie grootse bruiloften en partijen willen gaan organiseren. 

De geschiedenis laat zich echter niet helemaal uitwissen. Naast de nieuw aangelegde bruggetjes over watertjes en naast nieuwe ‘antieke’ Griekse fonteinen staan in een hoekje nog twee grijze communistische bunkers op het terrein…

 

De nieuwe Spa van Hoteli i Gjuetise

 

Restaurant Trandafili Mistik 

Midden in de lagune van Kune Vain Tale ligt restaurant Trandafili Mistik. Het staat niet op de kaart van het reservaat; ook niet op maps.me of google-earth. Je moet het echt weten via mensen die er al eerder waren. De mooie maar onverharde weg er naartoe is stoffig en slecht en slingert langs het water door het natuurpark. Het stenen restaurant heeft een enorme tuin met een terras aan het water met magnifiek  uitzicht op de lagune. Heerlijk in de zomer.

Ligging van restaurant Trendafili Mistik in de lagune.

 

Restaurant Trandafili Mistik (geheimzinnige rozen) van kokkin Diella Lloshi is een fenomeen. Ze heeft geen koksopleiding genoten en het vak in de praktijk geleerd van haar broer, die kok was. Diella komt oorspronkelijk uit Hoti, een dorp vlak bij de grens van Montenegro. In de Hoxha tijd zijn haar broers naar Macedonië gevlucht; daarna werd haar hele familie gedegradeerd en gestraft. Zo ging dat tijdens het Albanese communisme. Gedegradeerde kinderen mochten geen beroepsopleiding of universiteitsstudie volgen. 

 

Restaurant eigenares Diella Noshi

Pas in de jaren negentig ging het beter met de familie. Diella (een mooie vrouw van 65) trouwde met Noshi Lleshi, een visser in de lagune van Kune Vain Tale, die na de landhervormingen een lap grond van zijn familie erfde. Diella en Noshi zijn daarna met hun kinderen in de lagune een kiosk begonnen waar vis werd verkocht. In juni 1995 zette Noshi er een houtkachel bij. Diella bakte vis, ze serveerde de vis later op borden, er kwam een bar en uiteindelijk werd het een echt visrestaurant.

Na een krantenartikel en een bezoek van de eerste Amerikaanse ambassadeur, James Jeffrey, stroomden de gasten toe; aanbevelingen van gezichtsbepalende politici uit die tijd, Fatos Nano en Sali Berisha, deden de rest. Iedereen wilde bij Diella vis eten. Buitenlandse ambassadeurs, Edi Rama, Ilir Meta en Hashim Thaci. Hun foto’s met Diella hangen aan de muur. 

 

 

Binnen is het sfeervol ingericht, met tafeltjes op de begane grond en op de eerste verdieping. Rode kelims, rode tafelkleden, rode servetten. Bloemen. Je eet hier standaard meze, salade en een schotel verse vis en fruit toe. Het ziet er allemaal heel verzorgd en mooi opgemaakt uit. De visschotel bestaat uit twee grote levreks, vier palingen, groene sla en gele citroenen. Fruitschotel groen-rode meloen, perzik en appel. We drinken er een fles koude witte Arberia van kantine Arberia uit Rreshen bij. 

 

De interieur van Diella’s restaurant ‘Trendeafili Mistik’

Na het afrekenen (een menu exclusief de wijn) kost 2.000 lek (€ 14), laat Diella ons haar huismuseum zien. Dat ligt op de begane grond, naast de ingang, de grote bar en de keuken waar haar man Noshi Lloshi het enorme houtvuur bedient. 

Diella vertelt trots over haar unieke collectie xhubleta’s (jurk met wollen klokvormige rok), een typische klederdracht uit de noordelijke bergen). Ze begon jaren geleden met het verzamelen van klederdrachten, sommige zijn van haar familieleden, tegenwoordig koopt ze ze ook.

Ze heeft in dezelfde ruimte ook een verzameling Albanese kunstvoorwerpen aangelegd en een serie foto’s uit de Marubi Foto-collectie. Het is belangrijk om dit alles in haar restaurant tentoon te stellen zegt ze, dan maken zoveel mogelijk buitenlandse gasten kennis met de Albanese cultuur want ik kan ze er alles uit eigen ervaring over vertellen. 

 

Restaurant Rapsodia 

Restaurant Rapsodia, dat op een kwartiertje rijden van Lezha in het dorp Shengjin ligt, is een groot huis met twee verdiepingen, een grote bloementuin met onder de bomen wit gedekte tafeltjes. Je kunt ook binnen zitten: de benedenverdieping is restaurant en heeft zeker 50 plaatsen. Aan de muur hangen eindeloos veel foto’s van bekende Albanezen en Kosovaren die hier gegeten hebben. Ik noteer in het voorbijgaan portretten van de Kosovaarse president Hacim Thaci, politici Lulzim Basha, de Albanese president Sali Berisha, journalist Blendi Fevziu. 

 

De tuin van restaurant Rapsodia

 

De interieur van restaurant Rapsodia

 

Voor ons is een grote ronde tafel gereserveerd en van tevoren hebben we al besloten dat we het beroemde ‘Zero’ menu van restaurant Rapsodia nemen, dat maar liefst elf gangen telt telt. Dit restaurant verschilt echt van andere toprestaurants in Albanie, het gaat om haute cuisine.

De obers brengen verrukkelijke Albanese wijnen binnen en daarna meze, gevolgd door elk kwartier een nieuw prachtig opgemaakt vis- of vleesgerecht. Gefrituurde hapjes en gegrilde groenten komen voorbij, allemaal gepresenteerd op fraai serviesgoed: grijze stenen tegels, witte borden, alles versierd met bloemen.

 

Bediend worden aan tafel in Rapsodia

 

Het is genieten van Rapsodia gerechten

 

Onze tafel staat voortdurend vol met andere composities, telkens weer een oogstrelende verrassing. Rapsodia is lunchen en dineren op topniveau. 

 

Comments

Geef een reactie